|
Monique Muylaert
Had de onmisbare basisopleiding
reeds aan de Aalsterse academie gekregen bij Geo Vindevogel,
die ze trouwens als professor keramiek opgevolgd heeft.
In de afdeling "monumentale" van het Hoger
Instituut voor Schone Kunsten te Antwerpen bij de allround
kunstenaar Jan-Julien Van Vlasselaez als professor,
interesseert Monique zich, in den beginne, voor alle
disciplines, het minst echter voor keramiek.
Wanneer professor Van Vlasselaer aandringt, gaat zij
uiteindelijk toch naar de klas met de oven. Het wordt
de grote liefde en oorspronkelijk is professor Van Vlasselaer
niet tevreden. Hij eist dat zijn studenten gedurende
hun studietijd alle takken van monumentale kunst beoefenen.
Wanneer hij keramiekprodukties van Muylaert ziet, is
hij overtuigd en laat hij haar verder werken bij Achilles
Pauwels en wat zijn waardering nog duidelijker illustreert,
is dat hij de inkomhal van zijn zelf ontworpen prachtwoning
versiert met een keramiek van Muylaert. Een eerste integratie
in de architectuur, het zal de laatste niet zijn.
Monique kan haar fantasie kwijt in magische voorstellingen,
ze toont een hang naar het verborgene; het mysterieuze
is haar niet vreemd. Zij organiseert niet maëstra
haar metamorfosen waarin realiteit naast fantasmen dwaalt;
waar de satire dikwijls met naakte tederheid samenhokt,
waar alles gevat wordt in een theatrale atmosfeer die
soms aan Indonesisch schaduwspel doet denken.
Monique is aan de natuur verknocht; haar drang naar
leven zet ze om in een keramische taferelen. Boeiend
beeldt ze het zwellen van knoppen, het openbarsten van
zaad, het groeien van een blaadje uit: de wonderbaarlijke
kracht van de steeds heroplevende natuur, mirakel van
elke geboorte, de cyclus van elk leven. Een wriemelende,
krioelende wereld van organische vormen, reëel
en imaginair, een osmose van werkelijkheid en verbeelding
komt barok-levendig, figuratief-platisch over.
De sfeer die door haar reliëfs wordt gesuggereerd,
blijkt verdroomd tot een wonder van dichterlijk geïnspireerde
oorsprong, van speelse vormen, die naar het oermenselijke
peilen, die zicht uit micro-organismen uit de zee ontwikkelen.
In hun complexe structuur schuilen invloeden van het
Verre Oosten en van vergane culturen uit Midden- en
Zuid-Amerika.
Ze slaagt erin een eigen stempel op haar keramiek te
drukken.
In Monique Muylaerts plastische werken, echt keramische
schilderijen en stillevens, erg gecompliceerd vanopbouw,
sluimeren onderhuids werkzame groeikrachten vol ingehouden
spanning. Soms lijkt het er op dat de krachten die onder
het oppervlak prangen de structuren zullen doorboren,
alsof een mol door de huid van glanzende glazuren en
smaltachtige korsten naar het licht woelt. Scherp analytisch
doorvorst Monique Muylaert alle levensvormen met een
ongelooflijk gevoel voor verhoudingen en met een onbegrensde
fantasie. Toch is elk werk de gedaante van een idee.
De gouden toets, die ze zo graag als "finishing
touch" gebruikt, geeft haar wandpaneeltjes, precieus
in vierkantige houten schrijnen geborgen en met plexiglas
afgeschermd, iets van de Iberische Churrigueske stijl
of van de Lusitanische Manueline in rijk beladen barokaltaren,
die men door de kolonisatie niet enkel in Spanje en
Portugal, maar ook in Midden -en Zuidamerikaanse kerken
aantreft.
|